In het Hondsruggebied kun je niet om het water heen…

Waterputten schoonnebeekHet verhaal van het Hondsruggebied begint met ijs en smeltwater. Zo’n 150 duizend jaar geleden boetseerden ijs en water de Hondsrug en de andere ruggen in het gebied. Tot op de dag van vandaag is het water hier van levensbelang gebleven.

 


Smeltwater

In de Saale-ijstijd was Noord-Nederland bedekt met een honderden meters dikke ijskap. Zo’n 150 duizend jaar geleden was de ijskap al aan het smelten toen vanuit het noordwesten een soort ‘ijsrivier’ in beweging kwam. De druk van het schuivende ijs boetseerden het Hondsruglandschap in een patroon van evenwijdige ruggen en laagten. Vervolgens hebben zich enorme hoeveelheden smeltwater door de geulen in het Hondsruggebied richting Noordzee verplaatst. Ook de erosie door dit smeltwater heeft nadrukkelijk zijn stempel op het landschap gedrukt.

Geologisch uniek zijn de kaarsrechte lijnen die deze ruggen door het landschap hebben getrokken. Geologen beschouwen het Hondsruggebied als de enige ongestoorde Saale-afzetting in Europa. Naast de Hondsrug liggen in het gebied van oost naar west de ruggen van Tynaarlo, Rolde en Zeijen. De aanwezigheid van deze vier ruggen bezorgden het gebied zijn Geopark-status.

Grondwater

Als water de kans krijgt, zakt het zo diep mogelijk de grond in. Hoe het grondwater door de ondergrond stroomt, is afhankelijk van de geologische opbouw van de bodem. In het Hondsruggebied bevinden zich tot op een diepte van 200 meter goed doorlatende zandige lagen.

Zodra grondwater een niet-doorlatende laag bereikt, gaat het zijwaarts afstromen. De snelheid waarmee water zich in de bodem verplaatst, is vaak maar een paar meter per jaar. Grondwater is dan ook vaak eeuwenlang onderweg. Uiteindelijk komt het als kwelwater op lager gelegen plekken weer aan de oppervlakte.

Kwelwater

Water dat op de Hondsrug de grond in zakt, komt in de beekdalen onder druk weer naar boven. Hoe langer water in de grond verblijft, hoe voedselarmer en kalkrijker het kwelwater wordt.

Op de plekken waar kwelwater aan het oppervlak komt, kan dankzij de bijzondere eigenschappen van het water een bijzondere flora ontstaan. Als biologen in een beekdal plantensoorten als holpijp, dotterbloem en waterviolier zien, dan weten ze dat daar kwelwater van goede kwaliteit naar boven aan het borrelen is.

Drinkwater

Diep onder het Hondsruggebied zit een ‘waterbel’ met vele honderden miljoenen kubieke meters drinkwater. Drenthe en haar buurprovincies profiteren van deze kostbare bodemschat. Jaarlijks haalt Waterleiding Maatschappij Drenthe zo’n dertig miljoen kubieke meter drinkwater uit de grond.

Om lang van de kostbare waterbel te kunnen profiteren is het belangrijk dat de kwaliteit van het grondwater wordt beschermd en dat er niet teveel water aan de bodem wordt onttrokken.

Vaarwater

In de middeleeuwen voeren Groninger schippers de bochtige en ondiepe Hunze op om in het gebied ten oosten van de Hondsrug turf op te halen. Vanaf de negentiende eeuw zorgden nieuwe kanalen voor een betere afvoer van de turf. Een deel van de turf ging via het Stadskanaal naar Groningen, het grootste deel later via de Hoogeveensche Vaart richting Meppel.

Na de Tweede Wereldoorlog werden vrijwel alle vaarwegen in het gebied voor de scheepvaart gesloten. Karakteristieke kanalen in de veenkoloniale dorpen werden zelfs gedempt. De afgelopen jaren is flink geïnvesteerd in het herstellen van enkele oude vaarwegen in het oosten van het Hondsruggebied.

Levenswater

Voor de boeren van de oude Drentse esdorpen was de nabijheid van water net zo belangrijk als goed akkerland. Het lage land in het beekdal gebruikten ze als weidegrond voor het vee en om er hun wintervoorraad hooi vandaan te halen. Hoe meer weiland en hooiland hoe welvarender het dorp werd.

Toen in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw bijna alle andere Drentse beken ten gunste van de landbouw gekanaliseerd werden, bleef de Drentsche Aa als door een wonder gespaard.

In de jaren negentig realiseerden steeds meer mensen zich hoe we onze beken verknoeid hadden. Op allerlei plekken langs Hunze en Runde en rond het Loodiep en Drostendiep zijn miljoenen euro’s geïnvesteerd in het herstel van de beken. Oude meanders zijn weer uitgegraven en dijkjes langs de oevers werden weggehaald om de beek de kans te geven buiten zijn oevers te treden.

Hoogwater

Het water van het Hondsruggebied stroomt naar Groningen of naar Coevorden. Geen wonder dat men daar in het verleden regelmatig wateroverlast had. De laatste keer was in 1998 toen het Drentse water het Groninger Museum dreigde binnen te stromen…

Sindsdien is naast beekherstel ook waterberging een belangrijke doelstelling. Op grote schaal worden zogeheten klimaatbuffers aangelegd waar water tijdelijk kan worden opvangen. Ook de beekdalen van Hunze, Geeserstroom en Westerstroom fungeren als klimaatbuffers. In natte periodes kunnen ze tijdelijk miljoenen kubieke meters water vasthouden.

zuidlaren